Meer informatie Fipronil meld- en informatiepunt

5 september 2017
Vanaf 7 augustus is er volop gebruik gemaakt van het meldpunt, er zijn inmiddels meer dan 500 contacten afgehandeld. Het meld-punt is te bereiken op telefoonnummer 088-0206410 of per email: info@poultryexpertisecentre.com. Vanaf 4 september is het meldpunt beschikbaar tijdens werkdagen van 8.00 tot 17.00 uur.

Praktische adviezen en tips

1)    Zorg voor juridische ondersteuning
LTO/NOP neemt het initiatief in een dagvaarding tegen de NVWA en trekt daarin samen op met de NVP. Beide organisaties roepen pluimveehouders op zich te melden bij een advocatenkantoor, indien mogelijk via de rechtsbijstandsverzekering. Inschakelen van juridische hulp is uiteraard ook  van belang indien u aansprakelijk bent gesteld door uw afnemer.
 
2)    Gebruik persoonlijke bescherming bij de reiniging, conform de voorschriften
Er bereiken ons signalen over gezondheidsproblemen na het reinigen van pluimveestallen. Lees de gebruiksaanwijzingen goed van het middel dat u toepast bij het reinigen van uw stal (-len), houd u zich aan deze gebruiksaanwijzingen (of overleg met de leverancier als u hiervan wenst af te wijken) en pas de voorgeschreven persoonlijke bescherming toe.
 
3)    Volg de actualiteit op de websites
Bijna dagelijks is er nieuws op het gebied van reiniging, bemonstering, interpretatie van uitslagen en regelgeving. Neem, ondanks alle drukte, regelmatig even de tijd de wijzigingen of nieuwe kennis tot u te nemen. Op www.poultryexpertisecentre.com staan de links naar de diverse websites.
 
4)    Procedure bij te late uitslag
De NVWA streeft ernaar om na ontvangst van een aanvraag de monstername binnen twee dagen uit te voeren. Nadat de monsters zijn genomen, duurt het gemiddeld drie tot vier dagen voordat de uitslag kan worden gecommuniceerd. Dus tussen aanvraag en uitslag liggen gemiddeld vijf tot zes dagen. Bedrijven worden telefonisch geïnformeerd zodra de uitslag bekend is. Daarna volgt een schriftelijke bevestiging van de uitslag. Heeft u na zes dagen nog geen reactie ontvangen, vraag dan via het formulier vragen geblokkeerde bedrijven na wat de reden hiervoor is.
Daarnaast kunt u het ook aangeven bij AVINED als het nemen van monsters of de uitslag van de monsters lang op zich laat wachten door een e-mail sturen naar fipronil@avined.nl met vermelding van uw telefoonnummer, KIP-nummer, om welke type monters het gaat en de datum monster-name(s). AVINED beschikt niet over deze uitslagen, maar draagt wel knelpunten aan bij de NVWA. Als u al eerder via fipronil@avined.nl heeft laten weten dat u wacht op uw uitslag, dan hoeft u niet nogmaals te reageren.
 
5)    Een ander fipronil gehalte bij een nieuwe steekproef?
Op de website van de Gezondheidsdienst voor Dieren, www.gddiergezondheid.nl , treft u sinds kort ook informatie aan over de interpretatie van labresultaten en de consequenties van meet-onzekerheden, zoals het antwoord op de vraag: “ bij welke waarde heb ik een grote kans dat bij een nieuwe steekproef opnieuw waarden onder MRL worden gevonden?”
“Er zijn twee soorten uitslagen mogelijk bij ‘CONFORM’: 1) een getal tussen 0,0025 en 0,005 en 2) de uitslag ‘< LOQ’.  Wanneer eieren getest zijn in opdracht van de NVWA en er een CONFORME uitslag wordt gerapporteerd met een waarde tussen de 0,0025 en 0,005 dan is er 50% kans dat bij een nieuwe monstername en test een ‘NIET CONFORM’ resultaat wordt gevonden (>0,005 mg/kg). Bij een eerste testuitslag van < LOQ dan is de kans klein (<5%) dat een ‘NIET CONFORME’ uitslag wordt gevonden bij een nieuwe monstername en test. Voorbeeld: U heeft een partij eieren waar door de NVWA een CONFORME uitslag over is gerapporteerd met een waarde tussen de 0,0025 en 0,005. Deze eieren worden verkocht en de afnemer van de eieren doet op eigen initiatief een nieuwe monstername en test. De kans is dan 50% dat er uit deze test een NIET CONFORM resultaat komt.”
Dit vervelende verschijnsel wordt veroorzaakt door variatie in fipronil gehalte in eieren en door de variatie in meetmethode. Ook bij dezelfde test, uitgevoerd door het hetzelfde lab, op dezelfde eieren, is er sprake van een forse variatie.

6)    Blijvende aandacht bij uitslag onder MRL
Met de kennis van de variatie, zoals beschreven onder punt 5, is het dus van groot belang, na het vrijgeven van de eieren door de NVWA, afhankelijk van de bepaalde waarde, te blijven werken aan het verder verlagen van het risico op een nieuwe uitslag boven MRL. Dit kan door het verder verlagen van het “vervuilingsniveau” in de stal en/of uitloop, zoals regelmatig strooisel/mest verwijderen of herhaling van reiniging. Overleg de opties met uw bedrijfsadviseur!

7)    Deel de resultaten van de stalbemonstering
Bij veel pluimveehouders is afgelopen weken een uitslag van de stalbemonstering binnengekomen. We missen met elkaar nog een deel aan kennis, bijv. welk reinigingsmiddel en welke methode blijkt in de praktijk het meest effectief?  Welke variatie treedt er op tussen de diverse onderdelen van de stalinrichting  (m.a.w. waar moeten we de meeste aandacht aan besteden?), wat is een veilig niveau zodat het nieuwe of geruide koppel fipronil vrije eieren gaat produceren? Om samen meer kennis op te kunnen doen, is het van belang zo veel mogelijk bemonsteringsuitslagen, gekoppeld aan de genomen managementmaatregelen, te verzamelen. Hiervoor heeft de GD en het fipronil meldpunt Gelderse Vallei een invulformulier ontwikkeld. Dit formulier is beschikbaar op onze website:
www.poultryexpertisecentre.com Vraagt u s.v.p. aan uw bedrijfsadviseur hiervan gebruik te maken.
 
8)    Emotionele, geestelijke zorg
Onze ervaring tot nu toe leert dat er bij het meldpunt vooral technische, inhoudelijke vragen worden gesteld. Dat is uiteraard uitstekend, echter de zorg leeft dat er zich juist bij een deel van de pluimvee-houders die ons niet heeft gebeld, mogelijk emotionele, geestelijke problemen voordoen zonder daarvoor hulp in te schakelen. Wij willen u nogmaals wijzen op de mogelijkheid gebruik te maken van Stichting Zorg om Boer en Tuinder. De hulp is onafhankelijk en er zijn geen kosten aan verbonden. Neem gerust contact op: erover praten helpt! Jaap Kok, bestuurslid LTO Noord afdeling Gelderse Vallei, is lokaal de contactpersoon. U vindt hier zijn contactgegevens.